Orale candidose: de erythemateuze vorm is de meest voorkomende en de minst herkende

Orale candidose wordt geassocieerd met het afneembare witte beslag, dat echter maar één van haar vormen is en bij de volwassen prothesedrager niet de meest voorkomende.

De pseudomembraneuze vorm, met afneembare witte plaques die een rood oppervlak achterlaten, kent iedereen. Zij komt voor bij pasgeborenen, immuungecompromitteerden en na antibiotica.

De erythemateuze vorm toont zich daarentegen als eenvoudige roodheid, zonder plaques, en dat is de vorm die wordt gemist omdat zij niet lijkt op wat men verwacht.

Prothesestomatitis is haar meest voorkomende verschijning: een rood gebied dat precies de omtrek van de prothese weergeeft, vaak zonder klachten.

Juist dat detail van de omtrek maakt de diagnose in één oogopslag mogelijk. Roodheid die ophoudt waar de prothese ophoudt is geen toeval.

Perlèche, met kloofjes in de mondhoeken, is vaak candidaal van oorsprong en gaat samen met een verlaagde verticale dimensie, die een plooi maakt waarin speeksel blijft staan.

Perlèche behandelen zonder de verticale dimensie te corrigeren leidt tot voortdurende recidieven, en daarom lost een zalf alleen zelden iets op.

Risicofactoren horen altijd gezocht, want candidose bij een gezonde volwassene is ongewoon. Ontregelde diabetes, recente antibiotica, inhalatiecorticosteroïden, xerostomie, immuunsuppressie.

Inhalatiecorticosteroïden bij astma zijn een veelvoorkomende en makkelijk te verhelpen oorzaak: na elke inname de mond spoelen volstaat, een instructie die veel patiënten nooit hebben gekregen.

Lokale behandeling is eerste keus bij begrensde vormen. Miconazolgel of nystatinesuspensie, de aangegeven tijd in de mond gehouden en niet meteen doorgeslikt.

Miconazol heeft een belangrijke wisselwerking met orale antistollingsmiddelen, en de lopende medicatie hoort vóór het voorschrijven gecontroleerd. Het is de wisselwerking die het vaakst wordt vergeten omdat het middel onschuldig oogt.

Het ontsmetten van de prothese hoort bij de behandeling en is geen bijkomend advies. De schimmel koloniseert de kunsthars, en een onbehandelde prothese besmet de mucosa opnieuw zodra de therapie eindigt.

Kortom: de erythemateuze vorm komt het vaakst voor en is te herkennen aan de omtrek van de prothese, risicofactoren worden altijd gezocht, miconazol heeft een wisselwerking met antistolling, en zonder ontsmetting van de prothese is recidief zeker.