Mondzorg bij bedlegerige mensen: de houding telt even zwaar als de techniek
Mondzorg bij bedlegerige mensen geldt als een kwestie van comfort, terwijl zij klinische gevolgen heeft voor een orgaan ver van de mond: de long.
Het verband is aangetoond. Orale biofilm kan bij een gestoorde slikfunctie in de luchtwegen worden geaspireerd, en mondbacteriën behoren tot die welke bij aspiratiepneumonie worden aangetroffen.
Daaruit volgt dat mondzorg hier geen kwestie van uiterlijk is maar een maatregel van luchtwegpreventie, en dat argument verandert de voorrang die verzorgenden eraan geven.
Het eerste praktische punt is de houding, en die gaat vaker mis dan de techniek. Wie tijdens de zorg plat ligt, riskeert het inademen van water en resten.
Juist is het bovenlichaam omhoog waar dat kan, of het hoofd opzij gedraaid waar dat niet kan, zodat vocht zich in de wang verzamelt in plaats van naar de keel te lopen.
De verzorgende staat achter of opzij, niet ervoor, want dat is de houding waarin het hoofd kan worden gesteund en de kaak te zien is.
Water wordt in de kleinst mogelijke hoeveelheid gebruikt. Een nauwelijks vochtige borstel en afzuiging indien voorhanden; thuis een gaasje om op te nemen in plaats van te laten spoelen.
Bij de middelen blijft de borstel met kleine kop en zachte haren de eerste keuze. Vochtige gaasjes reinigen het slijmvlies maar verwijderen geen biofilm van tandvlakken, en vervangen het poetsen niet.
Chloorhexidinespoelingen hebben hier meer bestaansrecht dan elders, want bij veel van deze mensen is volledige mechanische verwijdering onhaalbaar. Zij worden met een gaasje aangebracht en niet gespoeld.
Een droge mond is bijna altijd aanwezig, door medicatie, mondademhaling en minder drinken, en hoort behandeld, want ontbrekend speeksel neemt de belangrijkste natuurlijke afweer weg.
Het slijmvlies wordt met daarvoor bedoelde middelen bevochtigd, met vermijding van glycerine die op den duur uitdroogt, en de lippen worden beschermd om pijnlijke kloofjes te voorkomen die later het openen beletten.
Een laatste punt betreft de verzorgende. Aanwijzingen moeten eenvoudig en haalbaar zijn: een werkwijze in tien stappen wordt niet uitgevoerd, drie heldere stappen tweemaal daags wel.
Kortom: orale biofilm hangt samen met aspiratiepneumonie, de houding voorkomt inademing tijdens de handeling, water wordt spaarzaam gebruikt, gaasjes vervangen de borstel niet, een droge mond hoort behandeld, en aanwijzingen aan verzorgenden moeten kort zijn om te worden gevolgd.