Implantaathygiëne: peri-implantair weefsel verdedigt zich minder goed dan parodontaal weefsel

Hygiëne rond implantaten wordt vaak uitgelegd als die rond natuurlijke elementen, en het biologische verschil maakt die benadering ontoereikend.

Het natuurlijke element is met het bot verbonden via het parodontale ligament, met vezels die loodrecht in het worteldentcement aanhechten en een mechanische barrière tegen bacteriële opmars vormen.

Rond het implantaat bestaan die vezels niet. De collageenvezels lopen evenwijdig aan het implantaatoppervlak, en de barrière bestaat vrijwel uitsluitend uit de epitheliale aanhechting.

De vascularisatie is bovendien geringer, doordat de aanvoer vanuit het ligament ontbreekt. Het gevolg is weefsel met minder afweer- en herstelvermogen.

Het klinische gevolg is dat peri-implantaire ontsteking sneller richting bot voortschrijdt dan parodontale, en dat de marge om in te grijpen smaller is.

Peri-implantaire mucositis is het omkeerbare stadium: ontsteking van de weke delen zonder botverlies. Behandeld geneest zij; verwaarloosd gaat zij over in peri-implantitis, die botverlies inhoudt en niet omkeerbaar is.

Bloeding bij sonderen is het teken dat beide stadia scheidt en de reden waarom periodieke controle niet optioneel is. De patiënt merkt de mucositis niet, omdat zij geen pijn doet.

Hulpmiddelen worden gekozen met aandacht voor het materiaal. Ragers met een blootliggende metalen kern kunnen titanium bekrassen, en de groeven houden meer plaque vast dan een glad oppervlak.

Men verkiest ragers met een met nylon of kunststof beklede kern, en titanium of vezelinstrumenten voor de professionele reiniging, waarbij stalen curettes op blootliggende implantaatoppervlakken worden vermeden.

Floss wordt met terughoudendheid gebruikt. Sommige technieken schrijven een C-vormige omvatting van het abutment voor, maar met kracht onder de rand gevoerde floss kan de epitheliale aanhechting scheuren — de enige aanwezige barrière.

De monddouche heeft hier beter bewijs dan elders, omdat zij moeilijke gebieden bereikt zonder traumatisch contact. Het is een van de weinige gevallen waarin zij als voornaamste in plaats van aanvullend hulpmiddel valt aan te bevelen.

De voorwaarde die dit alles mogelijk maakt is het prothetische ontwerp. Een suprastructuur met bolle profielen, gepolijste vlakken en toegankelijke ruimten laat zich reinigen; een met holtes en ondersnijdingen met geen enkel instrument.

Kortom: peri-implantair weefsel heeft verminderde afweer en de ontsteking schrijdt sneller voort, mucositis is omkeerbaar en hoort actief te worden gezocht, hulpmiddelen mogen titanium niet bekrassen, en de reinigbaarheid wordt bij het ontwerp beslist.