Gingivitis en parodontitis: de eerste is omkeerbaar, de tweede niet, en het verschil is het bot

Gingivitis en parodontitis worden vaak voorgesteld als twee stadia van één proces, alsof de eerste onvermijdelijk tot de tweede leidt. De werkelijkheid is genuanceerder en het onderscheid heeft praktische gevolgen.

Gingivitis is een ontsteking van de weke delen zonder aanhechtingsverlies. Is de oorzaak weggenomen, dan keert het weefsel terug naar de vorige toestand: zij is in volle zin omkeerbaar.

Parodontitis brengt verlies van aanhechting en steunbot mee. Dat weefsel vormt zich niet vanzelf terug, en de therapie stopt de voortgang zonder terug te geven wat verloren is.

Het verschil wordt gemeten, niet geschat. Er is sonderen nodig en kennis van de ligging van de glazuur-cementgrens: een diepe pocket kan bij ernstige gingivitis een schijnpocket door oedeem zijn.

Wat velen verrast is dat niet elke gingivitis in parodontitis overgaat. De individuele, grotendeels genetisch bepaalde vatbaarheid bepaalt wie voortschrijdt en wie jarenlang met een gingivitis leeft.

Dat maakt gingivitis niet onschuldig: het betekent dat zij op zichzelf behandeld hoort, en dat haar voortbestaan de noodzakelijke maar niet voldoende voorwaarde voor parodontitis is.

De tekenen die op een overgang wijzen zijn aanhoudende bloeding ondanks correcte mondhygiëne, het ontstaan van echte pockets, beginnende beweeglijkheid en tandverplaatsingen.

Wie meldt dat de elementen verschuiven of dat er een spleet tussen de snijtanden is ontstaan, beschrijft een teken van verloren steun en geen esthetische kwestie.

De röntgenopname is nodig om het bot te beoordelen, en het ontbreken van recente opnamen bij een patiënt met verspreide bloeding is een diagnostisch gat en geen voorzichtigheid.

De communicatie verandert met de diagnose. Bij gingivitis luidt de boodschap volledige genezing, en dat motiveert; bij parodontitis gaat het om stoppen en onderhouden, en genezing beloven schept verwachtingen die worden beschaamd.

Een parodontale patiënt vertellen dat het met mondhygiënezittingen weer wordt als vroeger is een communicatiefout die men in de jaren erna betaalt, wanneer de patiënt de therapie een falen toeschrijft dat er nooit was.

Roken en ontregelde diabetes verschuiven de kans op overgang het sterkst, en zij horen als deel van de therapie te worden aangepakt en niet als algemeen advies.

Kortom: gingivitis is omkeerbaar en parodontitis niet, het verschil wordt met sonderen en röntgen gemeten, niet elke gingivitis schrijdt voort, de overgangstekenen zijn herkenbaar, en de communicatie volgt de diagnose.