Fissuurlak: de retentie hangt af van de droeglegging, niet van het gekozen materiaal

De sealant is een van de preventieve ingrepen met de beste kosten-batenverhouding, en een van die waarbij het resultaat vrijwel geheel van de uitvoering afhangt.

De indicatie betreft diepe, retentieve fissuren van blijvende molaren, vooral in de jaren na de doorbraak, wanneer het risico het hoogst is en het glazuur nog niet volledig gerijpt.

De selectie van de patiënt telt even zwaar als die van het element. Bij een kind met laag risico en ondiepe fissuren is de winst bescheiden; bij hoog risico met diepe fissuren aanzienlijk.

Wat de levensduur van de sealant bepaalt is niet het materiaal maar de droeglegging tijdens het aanbrengen. Speekselcontaminatie tijdens etsen of plaatsen tast de hechting onherstelbaar aan.

Cofferdam is ideaal, maar bij een deels doorgebroken molaar bij een jong kind vaak onuitvoerbaar. Dan zijn goed beheerde wattenrollen en afzuiging een aanvaardbaar compromis.

De deels doorgebroken molaar is de moeilijkste en meest voorkomende situatie, omdat het tandvlees dat een deel van het distale vlak bedekt de droeglegging juist daar onzeker maakt waar het risico hoog is.

Onder die omstandigheden verdient glasionomeer de voorkeur boven kunsthars. Het hecht minder sterk maar verdraagt vocht beter en geeft fluoride af: het werkt als tijdelijke sealant die beschermt tot de doorbraak een kunsthars toelaat.

Kunstharsen hebben een betere retentie en zijn de keuze waar droeglegging haalbaar is. Het verschil in levensduur tussen beide materialen onder ideale omstandigheden is duidelijk.

Het sealen van beginnende niet-caviteuze laesies is een door bewijs gesteunde praktijk die nog weinig wordt toegepast. Een sealant over een beginnende laesie scheidt haar van het substraat en stopt de voortgang.

Zij vraagt echter zekerheid dat er geen cavitatie is, en dat hangt af van de kwaliteit van de diagnose. Bij twijfel geeft de röntgenopname meer richting dan de visuele inspectie.

Periodieke controle is het deel van het protocol dat verloren gaat. Een deels losgelaten sealant is slechter dan geen sealant, omdat hij een beschermde nis vormt waar plaque stagneert.

Controle met de sonde bij elke recall en het bijwerken van deels losgelaten sealants maakt van een eenmalige ingreep een blijvende bescherming.

Kortom: de droeglegging bepaalt de retentie sterker dan het materiaal, glasionomeer verdient de voorkeur op deels doorgebroken molaren, het sealen van beginnende laesies is onderbouwd maar vraagt een zekere diagnose, en periodieke controle hoort bij de behandeling.