Chloorhexidinegel: aanbrengen waar het nodig is voorkomt de gevolgen van spoelen
Chloorhexidinegel lost het hoofdprobleem van het mondspoelmiddel op: dat verspreidt de werkzame stof door de hele mond terwijl het probleem beperkt is tot twee of drie plekken.
Gerichte toepassing verandert de verhouding tussen baat en bijwerking. Verkleuring en smaakverandering ontstaan door diffuus contact; wie het contact beperkt, beperkt beide.
De beschikbare concentraties dekken verschillende doelen. Nul komma twee procent is de therapeutische concentratie voor acute fasen; nul komma twaalf wordt vaker over langere tijd gebruikt; één procent bestaat voor korte toepassingen in de praktijk.
De duidelijkste indicatie is de postoperatieve fase. De gel met een wattenstokje op het geopereerde gebied aanbrengen beschermt dat zonder de rest van de mond aan het product bloot te stellen.
De tweede indicatie zijn plaatselijke laesies: een pericoronitis, een ulcus, een abces in afwachting van behandeling. In al deze gevallen zit het probleem op één punt en verspreidt spoelen het nodeloos.
Rond implantaten met mucositis maakt de gel gerichte behandeling van de peri-implantaire sulcus mogelijk, aangebracht met een rager of solobestje.
Gebruik in een lepel is het doeltreffendst wanneer langdurig contact over een hele boog nodig is. De gel blijft de voorgeschreven tijd op zijn plaats in plaats van door speeksel te worden verdund.
Het is de aangewezen vorm bij parodontitispatiënten met moeizame nazorg, en bij wie door motorische beperking geen toereikende mechanische reiniging haalt.
De contacttijd bepaalt de werkzaamheid, en daarom verslaat de gel het spoelmiddel bij gelijke concentratie. Een spoeling duurt dertig seconden, een gel in een lepel vijf minuten.
De substantiviteit van chloorhexidine, het vermogen aan weefsel te binden en langzaam vrij te komen, komt bij langer contact beter tot haar recht.
De bijwerkingen blijven dezelfde, alleen verminderd naar rato van de blootstelling. De regel van kuren met een einddatum geldt ook voor de gel en mag niet worden versoepeld omdat het product gerichter lijkt.
De wisselwerking met de oppervlakteactieve stoffen in tandpasta geldt hier eveneens: de toepassing hoort van het poetsen gescheiden, wat met een avondgel gemakkelijker vol te houden is.
Kortom: de gel concentreert de werkzame stof waar die nodig is en vermindert de bijwerkingen naar rato, de lepel maximaliseert de contacttijd, en de regels over beperkte kuren blijven gelijk aan die voor het spoelmiddel.